Op reis in Italië valt het op hoe anders men in Italië denkt over rolstoelers en rolstoeltoegankelijkheid. Dat leidde tot een boeiend gesprek.  De uitkomst maakt duidelijk waarom het zo anders voelt en in de praktijk zo’n verschil maakt.

Het meest duidelijk kan ik het schetsen aan de hand van hetgeen mij zaterdagavond 22 mei jl. overkwam. We waren in Milaan en die stad zag er compleet anders uit, doordat er zich vele duizenden supporters van Inter verzamelden voor het bekijken van de finale van de Champions League op het Piazza del Duomo (het centrale plein in Milaan) ’s avonds. Vergelijk het met het verzamelen van supporters van Feyenoord op de Coolsingel of van Ajax op het Leidseplein.

Allereerst viel op dat alles in een gemoedelijke sfeer plaatsvond. Er waren geen vijandigheden of geweld. Er werd natuurlijk bier gedronken en gezongen, maar het bleef een geweldige, verwachtingsvolle sfeer. Het aantal ME-ers was dan ook niet in verhouding tot de aantallen die we in Nederland bij dergelijke voetbalwedstrijden gewend zijn.

Echt bijzonder werd het toen wij ons tegen kwart voor negen ’s avonds (het tijdstip waarop de wedstrijd zou beginnen) naar het plein begaven, dat al helemaal vol stond. Zodra men echter de rolstoel zag, werd er plaats gemaakt om ervoor te zorgen dat ik het als rolstoeler goed zou kunnen volgen; iets wat ik niet verwacht had. En hoewel een aantal supporters daardoor minder gunstig kwam te staan en soms zelfs minder tot geen zicht had op het grote tv-scherm (wat mij verlegen maakte), viel er geen onvertogen woord en vond iedereen dat heel normaal. Er ontstond vanzelf een natuurlijk ‘cordon’ van supporters (mannen én vrouwen), die ervoor zorgden dat er niemand over mij heen zou vallen. Een bijzondere ervaring. Vooral ook omdat bleek dat men overal respect heeft voor een gehandicapte. Naar bleek uit een gevoel van ‘die wil ik het makkelijker maken en gun ik ook iets’. Iedereen is behulpzaam, benadert een rolstoeler met respect op een plezierige wijze.

Hoe anders gaat dat in Nederland. Bijvoorbeeld op het Leidseplein bij zo’n voetbalevenement. Daar vinden de bezoekers die rolstoeler die er ook wil staan toch wel lastig; dat zijn de meest vriendelijke mede-burgers. Helaas heb ik ook menigmaal meegemaakt dat men pontificaal voor me gaat staan (en blijft staan) of het zelfs presteert om op mijn voetsteunen te gaan staan om voor te dringen of makkelijker naar voren te kunnen komen in de menigte. Een schrijnend verschil met de Italianen. In Nederland ben ik een lastig obstakel, in Italië ben ik iemand die men iets gunt.

Overheid

Van overheidswege wordt in Italië ook veel meer gewicht in de schaal gelegd om rolstoelers voorzieningen te bieden. Zo krijgt een restaurant geen vergunning meer als zij niet eerst een invalidentoilet aanleggen. Het is nog niet overal optimaal en echt bruikbaar, maar men is in ieder geval op veel grotere schaal bezig met rolstoeltoegankelijkheid. Noodgedwongen weliswaar, maar het heeft dus tevens effect op de manier van denken/benaderen door de Italiaanse burgers.

Droom

Het is dan ook mijn droom om zover te komen dat ook in Nederland de aanwezigheid van rolstoelers vanzelfsprekend is. En dat zij worden behandeld als gelijkwaardige burger met dezelfde kansen en mogelijkheden. Dan komt het met de rolstoeltoegankelijkheid ook wel goed, want daar denkt iedereen dan vanzelf aan als er iets nieuws wordt gebouwd of gemaakt of veranderd wordt. Met het initiatief van de nieuwe site Lekker Stuk krijgt dat hopelijk een flinke zet  in de goede richting.